Home » Blog

Alaskastrandloper.

September, maand van de vogeltrek. Kansen om vogels te waar te nemen die op Terschelling alleen in maart/april of in september/oktober voorkomen. Na een paar weken mantelzorg te hebben verleend werd het de hoogste tijd om er weer eens op uit te trekken met de camera. Een mooie middag, opkomend water, de vloed heeft nog een paar uur te gaan. Op de fiets met het karretje er achter, fietsend op de inspectie/onderhoudsweg aan de Waddenkant van de dijk. Bij de Strieperkwelder stop ik even om te kijken of er iets de moeite waard van fotograferen is. De vogels zitten een behoorlijk eind weg. Ver weg, te ver; Scholeksters, Rosse Grutto, Groenpootruiter en Lepelaar. Toch maak ik een paar opnames, gebruikmakend van de fietszadel als statief wat eigenlijk niet ideaal is. Een overzichtsfoto en maak even verder nog een paar. Klik op de foto voor een grotere afbeelding

Verzamelplaats                                                             Rustplaats

Overwegend Goudplevier

Groenpootruiter

Nog voor het 'Sehaal' zitten een paar Goudplevieren en Groenpootruiters. Ook hier maak ik een paar opnames, ook weer vanaf de fietszadel als steun. Dat werden niet zulke mooie foto's maar laat er toch twee zien. Bij de volgende stop toch maar het statief gebruiken. de 800mm is behoorlijk zwaar om stabiel te houden. Met statief kan je toch beter op het kopje van de vogel richten.

Goudplevier en Groenpootruiter

Groenpootruiter

Nog voor ik bij 'de Ans' kwam zag ik een leuk tafereeltje. Steenlopers waren aan het foerageren. Er lagen vele hoopjes 'blaasjeswier en deze vogels schoven met hun snavel steeds de hoopjes wier wat opzij en ondersteboven in de hoop daaronder nog wat voedsel te kunnen vinden die dan de weg naar een Steenloper-maag zouden volgden. Vaak met succes.

Steenloper, op zoek naar voedsel. D5 met 800mm met 1.25 converter en 1.5x cropfactor.

Ook op deze plek op het Wad waren jonge Kanoeten aanwezig. Druk bezig met foerageren. De vogels zaten redelijk dichtbij. Van de Steenlopers zijn we dat gewend. Altijd dichtbij op de balkstenen die tegen de dijk gestort zijn. Komen dus goed in beeld en ik mag ze graag zien. De Kanoet zochten het ook dicht bij de dijk, zodat ik ook deze vogel goed in beeld kan brengen. Mooie steltloper met  korte poten en een rechte, vrij dikke snavel. Trekvogel, die broedt op droge grond in hoogarctische gebieden.

Kanoet aan het foerageren. Met het opkomend tij nog snel wat voedsel vergaren. D5 met 800mm met 1.25 converter en 1.5x cropfactor.

Een andere vogel trok ook mijn aandacht. Later bleek hoe bijzonder deze vogel was. Een mooi vogeltje om te zien, kwam ook vrij dicht bij de dijk en dus ook voor mijn lens. Ik herkende deze soort echter niet. Was het een plevieren-soort? Nee, deze heeft een iets langere snavel. Een strandloper-soort (Calidris)? Waarschijnlijk, maar welke dan? Ik ben zonder vogelgids op pad gegaan dus dat moest ik thuis maar opzoeken. Ondertussen genietend van dit vogeltje en vele opnames van deze soort gemaakt in verschillende poses, zoekend naar voedsel. Ik vond het een lust om naar te kijken en te observeren. Mooi beestje!

Alaskastrandloper. Dwaalgast in Europa. D5 met 800mm met 1.25 converter en 1.5x cropfactor. Brandpuntsafstand 1500mm

Alaskastrandloper. Zeldzaamste van Noord-Amerikaanse Calidris-soorten. D5 met 800mm met 1.25 converter en 1.5x cropfactor.

Thuisgekomen worden de opnames direct overgezet naar de pc. De beelden worden nu duidelijker om te bekijken. Maar wat voor vogeltje heb ik nu voor de lens gehad. Het was mij in ieder geval duidelijk dat het om een Calidris-soort ging. Ik kwam uit bij de Alaskastrandloper. Broedend in Noord-Amerika. Een dwaalgast in Europa, zeldzaamste van de Noord-Amerikaanse Calidris-soorten. Even checken op internet en jawel; een foto van één en hetzelfde vogeltje dan die ik gefotografeerd heb en zie verder dat het een paar dagen eerder vele, vele vogelspotters naar de Friese Waddendijk getrokken heeft om deze vogel te zien en waar te nemen.

Tjonge, nu was ik wel blij dat ik deze zeer zeldzame strandloper-soort voor mijn lens gekregen heb en de foto's daarvan kan laten zien. En ik zat helemaal alleen, zonder spotters, onder aan de dijk.  Wat een bijzonder vogeltje, de Alaskastrandloper. Ik heb genoten van deze ontmoeting.

Alaskastrandloper. D5 met 800mm met 1.25 converter en 1.5x cropfactor. Brandpuntsafstand 1500mm

Bedankt voor het kijken. Tot de volgende

Langs de Waddendijk.

Voor een fraaie zonsondergang moet je aan het Noordzeestrand zijn. Langs de Waddendijk op Terschelling heb je dat niet, daarvoor moet je aan de Friese Waddendijk zijn. Ik fiets vaak over de onderhoudsweg van het Waterschap aan de buitenkant van de dijk. Neem de plekjes gewaar waar ik een mooie foto in zie. Dan wordt het plannen wanneer. Hoe is het licht en of er een mooie wolkenlucht is op de dag dat je wilt gaan. Voor het plannen maak je gebruik van apps die je daarbij helpen kunnen. Ik maak gebruik van WeerXL, Buienradar, Photopills, TPE, Planit of Getijden. Ik ga dus voorbereid op pad en dan nog valt het met de wolkenlucht toch weleens tegen. Je bent niet zomaar ook nog eens een weerman.

Toen ik van huis ging was het nog helder met mooie wolkenpartijen. Eenmaal ter plekke was het anders. Een naderende bui. Buienradar zat er even naast en ik kreeg een nat pak (Nikon D5, ISO 100, f8, 1/100 sec., 32mm)

Van West naar Oost gaan mijn tochtjes. Als eerste West.

Aan het einde van de dag, een uur voor zonsondergang. Mooi warm licht, helaas weinig wolken maar kwam eigenlijk ook weer goed uit. De zon kon zich niet verschuilen. Bij het 'lichtje' en de granieten beelden, deed het gouden licht mij fascineren. Je moest wel goed uitkijken want je had zomaar schapenstront onder je zolen. De schapen waren ook geïnteresseerd in mijn fiets want die lag even later omgevallen op één oor. Op een gegeven moment staat de zon in het verlengde van de dijk. Het tegenlicht  geeft mooie contouren op de vacht van de schapen. Met een ND16 grijsfilter en een belichtingstijd van 4 sec met f14 maak ik er een foto van waar ik tevreden mee kan zijn. Toch houd ik voor ogen dat ik dit onderwerp nog beter kan maken, dus ik moet dit nog eens doen.    

Strijklicht valt over de dam en het beeld. (Nikon D610, ISO 100, f8, 1/20 sec, 35mm)

De ondergaande zon zorgt voor een lichte contour om de vacht van de schapen. (Nikon D610, ISO 100, f14, 4.0 sec. 35mm)

Op een ander moment plan ik dat ik het Wad bij laag water ga fotograferen zuidelijk van de Strieperpolder en de Strieper Kwelder. De lange rijen stobben -restanten van paaltjes- beginnend onderaan de dijk en lopend in oostelijke richting ligt al enige tijd in de planning. Althans, de foto die ik wil maken zit al enige tijd in mijn hoofd.

Eenmaal ter plaatse valt het niet mee een mooie compositie van het beeld te maken. De wolken werken niet mee, of bedoel ik te zeggen, de wind. De wolken dreven van rechts naar links in mijn beeld. Het was een zuidwestelijke wind. Een noordelijke wind was fotografisch gezien beter geweest. Dan hadden de wolken van achter aan komen drijven en naar het oneindige in het verlengde van het kijkrichting verdwijnen. Naar de lucht kijkend bemerk ik dat de gewenste vormen van de wolken die ik boven de paaltjes voor ogen had ook niet zal komen overdrijven. Reden te meer om op deze plek terug te keren met wind uit het noorden en een wolkenlucht waar de gewenste wolkenvorm tussen zal zitten.

De stobben van de rijen paaltjes hebben een piramidevorm. De omgekeerde vorm daarvan mis in de wolkenformatie. Was dit wel het geval dan had het beeld veel boeiender geweest. (Nikon D610, ISO 100, f8, 1/125, 35mm)

Een strekdam aan de dijk, ter hoogte van de Strieperpolder. (Nikon D610, ISO 100, f8, 1/180. 16mm)

Het wad bij de Ans. Dit dammetje is mij al zo vaak opgevallen. Maar, meestal was het te hoog water of was er te veel licht. Nu kwam ik er tegen zonsondergang. Het gouden uurtje was net begonnen. Nu had ik de gelegenheid en zette ik  de camera op statief. Over de balkstenen klauterend  kwam ik op het Wad om een laag standpunt te kiezen en maakte de volgend foto.

'Dammetje' van palen en stortsteen die de Ans begrenzen. (ISO 100, f13, 1/4 sec, 35mm)

Oosterend. De laatste locatie in dit blog. Tussen Lies en Oosterend zijn onder de dijk op het wad ook menige plekjes waar ik wel een mooi  beeld in zie. Deze omgeving staat daarom ook in mijn To-Do-List. De stijger (Lies), verscheidene strekdammetjes, de Oeltsjijs (kleine strook land buiten de dijk), drooggevallen zeilboten, veel vogels en nog veel meer. Naast het lekker bezig zijn met mijn passie is het ook vooral genieten van de natuur aan het Wad, van de landschappen, van het gevoel van vrijheid, de serene rust met de geluiden van het water, van de wind, de geluiden van de vogels. Naast het maken van foto,s zijn dat elementen die het fotograferen zo aangenaam maken. Van enkele tochtjes naar het oostelijk deel van de Waddendijk zie je hieronder wat beelden.

De 'Oeltsjijs' nabij de Dwarsdijk. (ISO 100, f11, 1/45 sec, 70mm)

Een drooggevallen schouw op het Wad ter hoogte van de Dwarsdijk. (ISO 100, f5,6, 1/200sec, 800mm)

Oosterender Waddendijk. (ISO 100, f8, 1/30 sec, 70mm)

Drooggevallen klipper(ISO 100, f8, 1/60 sec, 200mm)

De Wierschuur. (ISO 100, f8, 1/60 sec, 35mm

Bedankt voor het lezen en kijken van dit blog. Tot de volgende.

De heide bloeit.

Foto 1. Het Groenplak met de bloeiende heide. (Nikon D5 met Nikon 16-35 f4.0, grijverloopfilter GND 8 en polarisatiefilter. ISO 200, f11, 1/:25, 16mm)

Het paarse goud

Geboeid en gefascineerd door natuur- en landschapsfotografie? Als je op Terschelling bent dan mag een bezoekje aan de Landerummerheide en het Groenplak niet ontbreken. De bloeiende heide komt overweldigend over en dat mag ik graag vastleggen. Natuurlijk, het komt elk jaar weer terug. Maar elk jaar wil je die van het vorige jaar weer overtreffen. 

Bovenstaande foto is van het Groenplak, gemaakt in de late middag. Een groot veld gelegen tussen de Longway en het Helmedunepad. Het zou geen overbodige zaak zijn op deze plek ook begrazing toe te passen zoals ook op de Landerummerheide is toegepast. Veel Vogelkers en jonge eik bederft het aanblik van het heideveld van het Groenplak.

Foto 2. Veel ongewenste vegetatie in het heideveld van Amerikaanse Vogelkers (Prunus serotina en zaailingen van de zomereik (Quercus robur) en grassen in het Groenplak. (Nikon D5 met Nikon 16-35 f4.0, grijverloopfilter GND 8 en polarisatiefilter. ISO 200, f11, 1/:5, 16mm)

Foto 3. Mooie luchten in augustus en strijklicht. (Nikon D5 met Nikon 16-35 f4.0, grijverloopfilter GND 8. ISO 200, f11, 1/:25, 16mm)

De volgende dag vroeg op met als doel: de heide fotograferen bij zonsopkomst. Om zes uur ter plekke op de Landerummerheide. Om me heen kijkend zoek ik een geschikte plek om zoveel mogelijk van het heideveld in het beeld te krijgen. Eerst  tussen de heide op een vlakke grond. Even later een duintje gezocht om toch wat meer boven de heide uit te komen. Statief uitgezet met Sunwayfoto GH-PRO Geared head en camera D5 erop met op de lens (Nikon 16-35mm f4.0) de filterhouder (Benro FH100M2 MKII) met een GND 8 harde overgang. Ik kan aan de slag.

Foto 4. De zon is al twintig minuten boven de kim herrezen maar moet nog boven een band bewolking uit klimmen. (Nikon D5 met Nikon 16-35 f4.0, grijverloopfilter GND 8. ISO 400, f 8, 1/:13, 25mm)

Foto 5. De zon is nog niet in beeld maar de kleuren worden warmer, de heide krijgt kleur. (Nikon D5 met Nikon 16-35 f4.0, grijsverloopfilter GND 8. ISO 400, f8, 1/:13, 25mm)

Langzaam klimt de zon maar is nog niet te zien. Ze zit nog achter de bewolking. De kleur verandert langzaam. Een gouden gloed valt over de heide. Het paars wordt feller. Het is 06.35u. Het licht is steeds aan het veranderen. Het wordt lichter en geeft nog steeds een gloed over de heide. Jammer dat de nachten nog niet kouder zijn want ik mis nog wat grondmist. Dat had deze fotosessie nog mooier gemaakt. Het weer de komende dagen in de gaten houden, misschien krijg ik nog een mogelijkheid daar eens mee aan de slag te gaan.

Foto 6. Het wordt al lichter. De zon breekt echter nog niet door de wolken. (Nikon D5 met Nikon 16-35 f4.0, grijverloopfilter GND 8. ISO 400, f11, 1/15, 16mm)

Foto 7.  (Nikon D5 met Nikon 16-35 f4.0, grijverloopfilter GND 8. ISO 400, f11, 1/15, 35mm)

Foto 8.  (Nikon D5 met Nikon 16-35 f4.0, grijverloopfilter GND 8. ISO 200, f16, 1/4, 35mm)

Foto 9. (Nikon D5 met Nikon 16-35 f4.0, grijverloopfilter GND 8. ISO 100, f16, 0.8 sec, 16mm)

 Foto 10. De camera is hier gericht naar het noorden. Strijklicht valt over de heide wat een mooi effect geeft. (Nikon D5 met Nikon 16-35 f4.0, grijverloopfilter GND 8. ISO 100, f18, 2.0 sec, 35mm)

Foto 11. Het is 07.17u, het gouden uurtje is al even voorbij. De zon komt nu boven de wolken uit. Het ND 16 filter erbij geschoven om het felle zonlicht te breken. De paarse kleur is door het tegenlicht ietwat witter geworden. (Nikon D5 met Nikon 16-35 f4.0, ND 16 filter, grijverloopfilter GND 8. ISO 100, f13, 1.o sec, 16mm)

Om 07.17u, het gouden uurtje is al even voorbij. De zon komt nu boven de wolken uit. Het ND 16 filter erbij geschoven om het felle zonlicht te breken. Nog een opname en dan wordt het tijd om mij te verplaatsen naar de andere kant van het heideveld. Ik wil de zon nu achter mij hebben en zie een eenzame dennenboom daar staan. die wil ik  nog even op de foto zetten. Ik ben even een tijdje aan het zoeken wat ik de mooiste hoek vind om er een opname van te maken. Dat was nog even lastig. Telkens wanneer ik denk die te hebben gevonden blijkt mijn schaduw en die van het statief met de camera in het beeld te vallen. Weer een andere plek zoeken. Dat werd links vanaf mijn eerste standpunten en dan wel zo dat ik de camera kon wegdraaien van mijn schaduw. Dit was beter maar het nadeel hier weer van dat er minder van het heideveld op de foto kwam. Ach, je kunt ook niet alles krijgen zoals je het hebben wil. Het geeft toch nog een aardig beeld voor wat ik in mijn hoofd had.

Tien over acht ben ik weer bij mijn vervoermiddel -de fiets- en laad de tas en het statief op de bagagedrager. Met een goed gevoel dat er mooie foto's bij zitten ga ik weer op huis aan. Later blijkt dat ik tevreden kan zijn ondanks het gemis van aanwezig grondmist. Reden temeer om weer terug te keren naar de Landerummerheide wanneer de kans op grondmist aanwezig is. Naast landschapsfotograaf moet je ook nog een beetje weerman zijn. De tijd zal het leren.

Foto 12. De eenzame Dennenboom in de Landerummerheide. (Nikon D5 met Nikon 16-35 f4.0, grijverloopfilter GND 8. ISO 100, f11, 1/:60 sec, 28mm)

Ook op de Halfwegdune staat de heide volop in bloei. Ik vraag mij alleen af of Staatsbosbeheer van dit duin een bosgebied wil maken. Het staat er barstensvol Denneboom wat de heide in de weg staat. Kap weg en laat de heide daar overheersen.

Er is geen sprake meer van een behoorlijk heideveld. Het zicht wordt al gauw ontnomen door Dennenbomen. Foto 13 en 14 laten dat maar al te goed zien. Jammer eigenlijk. Zonder die bomen is het een behoorlijke oppervlakte aan heide dat altijd een prachtig gezicht was.

Afb 13. Boven op de Halfwegdune waar het zicht op het heideveld -die een behoorlijke oppervlakte heeft- erg wordt belemmerd door de grote hoeveelheid zaailingen van de Denneboom.

Afb 14. Het zicht op de heide had zoveel mooier kunnen zijn zonder de zaailingen van Dennenbomen.

Bezoek aan HJ Vogelkijkhut te Emmen

Al geruime tijd speelde ik met de gedachte een vogelkijkhut te bezoeken. Niet alleen om te kijken naar vogels maar juist om ze te fotograferen. Vogelkijkhutten vind je dan ook altijd op plekken waar veel vogels verwacht kunnen worden. De plek bij een vogelkijkhut wordt ook dusdanig gecreëerd dat het ook vogels aantrekt. Voor een vogelkijkhut vind je een waterpartij; een vijver, een meer of zee. De hut waar ik twee dagen mijn kansen wil afwachten veel vogels voor de lens te krijgen heeft een vijver voor de kijkgaten. Deze kijkgaten zitten net boven het maaiveld/wateroppervlak. Ideaal om vogels goed in beeld te krijgen die tussen de 2.5 tot 30 meter van de lens verwijderd zijn.  3 April al onderweg om de volgende morgen 4 april op tijd in de hut te kunnen zijn.

4 april 2018

Voorbereiding

Voor dit doel heb ik een huisje gehuurd voor een midweek op het LandalPark te Ees. Niet te ver van Emmen, slecht een klein halfuurtje rijden. De tassen zijn gevuld en staan klaar op het karretje, een Eckla Multi-Rolly met statiefhouder, samen met de statieven. De wekker gaat af op 06.00 uur. Eerst maar een paar koppen koffie om wakker te worden, proviand en een thermoskan koffie klaargemaakt, gevolgd door de persoonlijke verzorging en ik ben klaar voor vertrek. Het karretje met de apparatuur de bestelbus ingeschoven en ga op weg naar Emmen. Ik neem niet de provinciale weg maar ga binnendoor via Exloo, Valthe en Weerdinge. Bij Emmerschans rijd ik Emmen binnen. Steek de rondweg over en rijdt zo de juiste straat in waar ik zijn moet. Op de bestemming moet ik nog een 200 meter lopen en dan komt het karretje goed van pas.

De Kijkhut

De vogelkijkhut is gemaakt van een zeecontainer en als kijkhut omgebouwd. Voorzien van kijkgaten, een verhoogde vloer en voor twee derde ingegraven. Door middel van de ontvangen code kan ik het sleutelkastje naast de deur openen. En met het sleuteltje  het hangslot en de ketting verwijderen. Op de site van de verhuurder wist ik al hoe het interieur van de vogelhut eruit zou zien en had mij er al zo lang op verheugd onderdeel van dat interieur te mogen zijn. Welnu, ik ben binnen en begin mij te installeren.

De voorbereidingen in de hut

De Vogelhut is geschikt voor vier personen dus in mijn eentje heb ik een zee van ruimte. De twee middelste kijkgaten zijn al geopend en zijn er gecamoufleerde raamwerken voor geplaatst en kan ik beginnen de camera's in positie te brengen. Voor de kijkgaten zit een brede 'venster'bank om de granulaatzakken er op te leggen waarop de camera's kunnen rusten. Gebruikmaken van een statief is met de 70-200mm lens niet mogelijk. Het statief blijkt niet dicht genoeg bij het kijkgat geplaatst te kunnen worden. Voor het rechter kijkgat leg ik de Nikon D600 met een Nikon 70-200mm f/2,8 met converter x2. Gebruikmakend van een granulaatzak en ook met de aanwezige kleine zakjes breng ik de camera dusdanig in positie dat deze gericht is op de top van een boomstam van een meter of drie, waarvan ik hoop dat daar een roofvogel op zal landen. Op deze manier hoef ik mijn camera niet meer te bewegen indien een roofvogel de stam als landingsplaats zou gebruiken. Het is mijn stille hoop dat dit zal gebeuren. Voor het andere, het linker kijkgat plaats ik de Nikon D610 met een Tamron 150-600mm f/5-6,3 Di VC USD A011N met converter x1,4 op een granulaatzak.

Vogels lokken

Er wordt door de eigenaar goed voor gezorgd om veel vogels te lokken. Er is een bakje met meelwormen klaar gezet om uit te strooien op de centrale plek van deze vogel-fotoshoot-scene. Alleen daar mag het uitgestrooid worden. Ook ligt er een vogelgids voor gebruik klaar. Ik heb natuurlijk ook mijn eigen vogelgids mee. Na het uitstrooien van de meelwormen kan het feest beginnen. Tsjonge jonge, je weet niet meer waar je kijken moet.  Van alle kanten komen er vogels de plek rond de vijver bezoeken en ik maar afdrukken.

Het is voor mij de allereerste keer in een Vogelkijkhut. Heb dus geen idee hoeveel vogels zo'n plek komen bezoeken. Het gaat de hele dag door, het is een komen en gaan. De Grote bonte specht -man en vrouw- komen regelmatig op de  drie meter hoge boomstam zitten. Het wordt mij duidelijk wat zij daar steeds doen. In de stam zijn gaten geboord -links en rechts van het aangezicht van de stam- en worden volgestopt met voedsel. Een heuse 'lokstam'. Niet alleen de Specht weet die gaten te vinden. De Koolmees, Pimpelmees en de Matkop kennen die voedselplekken ook donders goed.

Dat geldt ook voor de stam recht voor me aan de andere kant van de vijver. Op de achterzijde van de stam -vanuit de kijkhut niet te zien- zitten twee voederapparaten bevestigd waardoor het een drukte van belang is. Naast Koolmezen komen ook Goudvinken, Kepen en Groenlingen constant naar deze plek, onderling ruzie makend wie aan de beurt is. Dit alleen al is een aardigheid om naar te kijken.

Andere opstelling

Na een paar uur vind ik het toch knap lastig werken met het camouflagescherm, welke al geplaatst was bij mijn aankomst. Het is een raamwerk met een soort micaglas of zo. Van binnenuit kan je naar buiten kijken zonder gezien te worden door de vogels. De vogels zien alleen een zwart raam wat niets doet vermoeden wat er achter zit. In het midden is een vierkant uitgespaard waardoor de lens gestoken kan worden. Maar wil je wat te ver naar links of rechts om de daar aanwezige vogels te fotograferen of naar beneden om vogels aan de waterkant te fotograferen dan vervormt de lens het mica en maakt dan een krakend geluid. Anders gezegd, je wordt wat belemmerd in het positioneren van de lens. Daarnaast wil ik veel liever het statief gebruiken met de Benro GimbalHoofd GH3, waarmee ik veel flexibeler met de lens bewegen kan. Ik besluit het camouflage-raamwerk weg te halen en met de aanwezige stroken camouflagedoek maakt ik het zo dat de lens vrij kan bewegen. Dit is een verstandig besluit. Door de lengte van de lens komt deze ruim buiten het camouflagedoek uit waardoor ik makkelijker en soepeler de lens kan bewegen zonder geluid te maken. Het bevalt mij stukken beter, ook op de dag erna maak ik deze opstelling. De andere camera blijft op de boomstam gericht, voor het geval dat........... die ene roofvogel een kijkje komt nemen.

Het weer

De weersvoorspelling voor het land was niet al te best. Het zou bewolkt zijn met op zijn tijd een een regenfrontje die verspreid over het land voor buiig weer zou zorgen. Bewolkt is het maar het heeft nagenoeg niet geregend. Het enige wat ik aan regen heb waargenomen duurde slechts drie minuten. Het bewolkte weer zorgt ervoor dat de ISO-waarde flink omhoog moet. De Tamron 150-600mm lens kan door het beperkte licht niet een groter diafragma hebben dan f/9 met een sluitertijd op hoofdzakelijk 1/250. De hoge ISO-waarde zorgt wel voor enige ruis in de achtergrond. Niet erg storend maar toch...... je ziet het wel. 

Meelwormen

Zo rond 13.00 uur strooi ik nog wat meelwormen op de centrale plek. Meelworm-eters komen er meteen op af. De Merels, en de Vinken, de Heggemussen, de Roodborsten en de Geelgorzen doen zich te goed aan dit feestmaal. Zelfs de Kool- en de Pimpelmezen pikken de wormpjes op. De verschillende manieren hoe de meelworm naar binnen wordt gewerkt was interessant om naar te kijken. De Kool- en de Pimpelmezen nemen hun wormpje mee naar een tak, zetten één pootje op de worm en met de snavel trekken ze de meelworm leeg zodat er een leeg omhulsel overblijft. De Goudvinken en de vinken doen het iets anders. Met hun brede snavel persen  ze de inhoud van de meelworm eruit om uiteindelijk het lege omhulsel over te houden. De Roodborst, de Heggemus en de Ringmus zijn minder kieskeurig en werken de meelworm in zijn geheel naar binnen. Grappig, dat verschillende vogels hun eigen tafelmanieren hebben.

Om 16.05 uur zie ik op het water kringetjes komen. Het begint heel licht te regenen, slechts drie minuten lang en dat is het dan. Ik blijf mooi doorgaan. Kijken, scherpstellen en afdrukken. Er zijn al heel veel van alle soorten van die dag gefotografeerd maar er zal maar net die ene, die ene pose, die ene situatie zich nog voordoen waardoor je een foto hebt die er uitspringt. En daarom blijf je zitten. Ja, en natuurlijk op dát moment dat er een roofvogel op deze plek neerstrijkt. Het zou niet de eerste keer zijn dus.........

De laatste meelwormen worden om 17.00 uur uitgestrooid. Ik besluit nog even door te gaan. Er landt een Zwarte Kraai en vind dat een ongewenst bezoek. Alle vogels vinden dat ook, want weg zijn ze. Ik denk, maak maar een geluid, misschien vliegt hij dan weg en roep "hé", en daarop vliegt de kraai weg. Met vijftien seconden komen de eerste Koolmezen weer, snel gevolgd door andere soorten. Het begint om 17.13 uur weer even heel kort te regenen maar het deert niet. Mijn eerste dag in deze vogelhut is bijna ten einde. De hoop om een roofvogel vast te leggen is verzet naar morgen.

Ik schrijf mijn beleving van het verblijf in de vogelhut op in het gastenboek. Dat doen alle huurders en kan handig zijn voor volgende huurders. Je noteert  ook welke vogels zich die dag gepresenteerd hebben. Leuk zo'n schrift. Ik had er 's morgens natuurlijk al in gebladerd om te zien wat ik zoal verwachten kan. Na een verhaaltje en de opsomming van de waargenomen en gefotografeerde vogels te hebben opgetekend besluit ik deze dag in de vogelkijkhut te beëindigen.

Om 18.30 uur sluit ik de deur van de hut en loop richting de auto. De vader van de eigenaar komt op mij toe en vraagt belangstellend hoe mijn dag is geweest en wat voor vogels vandaag zijn geweest. Het is begin april en steeds meer soorten komen weer terug van de overwintering. Hij verwacht het Witgatje eerdaags ook weer terug op deze plek, maar nee, geen Witgatje vandaag. "Morgen kom ik weer", vertel ik hem, dus wie weet heb ik dan geluk.

5 april 2018

Dag twee in de Vogelhut

De dag begint als de dag ervoor. Vroeg opstaan, proviand klaarmaken, jezelf verzorgen en op weg naar de hut. De procedure sleutel, hangslot en installeren kende ik inmiddels dus het ging vandaag wat vlotter. Het weer was als de dag van gisteren. Bewolkt, dus grijs en er viel over langere tijd een iel motregentje. Ik zag het aan de vogels. Hele kleine regendruppeltjes op hun kleed en druppels aan de takken van de struiken. Eerlijk gezegd zag ik dat pas toen ik de foto's op het scherm van de laptop bekeek. De motregen zie je op sommige foto's ook vallen in de vorm van korte dunne streepjes in de achtergrond. Bij de eerste foto's verwijderde ik dat. Even later dacht ik: "Laat die streepjes toch lekker zitten, die horen erbij". Ik loop een beetje vooruit, nu terug naar de hut!

De ISO blijft dus aan de hoge kant en dat gaat verder prima. Op een gegeven moment zie ik een vogel in een struik zitten waar een appel op een tak was gestoken. Ik wist eerst even niet welke het was. Het leek op een Zwartkop maar de kleur van het toupetje klopt niet. Eerst maar even vastleggen en dan opzoeken in de gids. Het bleef maar van de appel eten dus het is een fruiteter. Ik wou dat deze vogel even ergens anders ging zitten want die appel kwam ook op alle foto's en wilde nu wel eens een foto zonder de appel erbij. Maar het had kennelijk honger. Nu eerst maar even opzoeken. Direct maar naar de pagina waar de Zwartkop te vinden is. En inderdaad, het mannetje heeft een zwart toupetje, maar het vrouwtje heeft een bruine. Dat was ze dus, een Zwartkop-vrouw. Net weer gearriveerd uit haar overwinteringsoord. Mooi, ik heb er een onderwerp bij om in de gaten te houden.

Gisteren was ik lukraak aan het afdrukken om niet één vogel te missen, vandaag wil ik selectiever en geduldiger te werk gaan. Ik hoef niet snel te zijn. Het is immers een komen en gaan van vogels en blijven lang op deze plek hangen en je hebt alle tijd.....

Dat had tot gevolg dat ik betere foto's maakte met mooiere poses van de vogels. Ook schoot ik de helft minder afbeeldingen dan gisteren. Het blijft maar bewolkt en motregenen. Om half twee zie ik wat kringetjes in het water, het regent licht en was ook van korte duur. Er komt opeens wel harde wind opzetten dat een twee uur duurt. De zware deur van de hut waait een paar keer open en het gordijn die voor de deur hangt om licht tegen te houden waait door de trek een paar keer naar buiten. Ik zet het vast met knijpers.

Om kwart over drie vliegen alle vogels opeens weg. Een roofvogel in de buurt? Waarschijnlijk, maar er landt er geen op deze mooie plek. Jammer! Vijf minuten later zijn alle vogels ook weer terug gekomen. De koolmezen het eerst, de Goudvink en de Groenling volgen en nog een minuut later wemelt het weer van de vogels. Wat kan ik hier van genieten. Al die verschillende vogels te zien, te observeren en te fotograferen. Eigenlijk heb je het daar heel druk mee. Achteroverhangen is er echt niet bij. Je blijft alert en dat houd je scherp op dat ene moment, of die nou komt of niet.

Ik had nog graag een Winterkoninkje willen zien en een Groene specht. Een Kneu, een IJsvogel of een Putter én natuurlijk een Havik of een Buizerd. Ik had ze graag voor de lens willen hebben.

Het begint lichter te worden en om vier uur schijnt de zon. De omgeving zien er meteen vriendelijker uit en de vogels zien er stralender uit. Ik leg ze nog maar eens vast voor zo lang het zonnetje schijnt. De ISO kan aanzienlijk lager ingesteld worden en zet het op ISO 160. Het ziet er goed uit.

Ik krijg het koud en begin te rillen. Dat is best vreemd. De hele dag tot vier uur bewolkt en motregen en heb het niet koud, maar nu de zon schijnt krijg ik het koud. Ik besluit te stoppen. De opstelling af te breken en op te bergen in de tassen en het karretje te laden. Het is mooi geweest voor vandaag.

 

 

De vogelsoorten van dag 1 en 2

 

Tijdens de twee fantastische dagen die ik in de vogelkijkhut heb beleefd zijn de volgende soorten voor de lens verschenen:

 

Koolmees

 

 

 

 

 

Pimpelmees

 

 

 

 

 

Goudvink -man

 

 

 

 

 

Goudvink -vrouw

 

 

 

 

 

 

Groenling -man

 

 

 

 

 

Groenling -vrouw

 

 

 

 

 

 

 

 

Grote bonte specht -man

 

 

 

 

 

 

 

 

Grote bonte specht -vrouw

 

 

 

 

 

 

Heggemus

 

 

 

 

 

Huismus

 

 

 

 

 

Keep -man

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Keep -vrouw

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Matkop

 

 

 

 

 

 

 

 

Merel -man

 

 

 

 

 

Merel -vrouw

 

 

 

 

 

 

Ringmus

 

 

 

 

 

Roodborst

 

 

 

 

 

Vink -man

 

 

 

 

 

 

Vink -vrouw

 

 

 

 

 

Zwartkop -vrouw

 

 

 

 

 

Geelgors

 

 

 

 

Afsluiting

Voor ik ga afsluiten nog even een verhaaltje met mijn bevindingen van de dag noteren in het gastenboek. Iedereen bladert er volgens mij wel even in. Altijd leuk voor de volgende bezoeker die morgen de hut zal bewonen.

Na alles opgeruimd te hebben en nog even de vloer heb geveegd sluit ik de deur weer af en stop de sleutel in het kastje en verdraai het cijferslot. Alle cijfers op nul. Op weg naar de auto nog even een praatje gemaakt met de vader van de jonge eigenaar. Ik vertel hem dat ik zeker weer terug zal komen in deze hut. Het is mij uitstekend bevallen en heb genoten van deze twee dagen in de Vogelkijkhut van Henk Jan Klein Tiessink

 

Ook interesse? Ga naar www.vogelkijkhut.com voor informatie en reserveringen